Historie van de VW bus

Door Jan Willem Briër

Het begon in 1947 met Ben Pon (sr) die een 'Plattenwagen' zag rijden. Dit koddige karretje was opgebouwd uit Kever onderdelen en werd in Wolfsburg op het fabrieksterrein gebruikt voor intern transport. Let op, de cabine zit aan de achterkant, boven op de motor! Ben Pon zag wel wat in een dergelijk product.

In productie nemen van deze kar bleek niet mogelijk. Daarop schetste Ben in zijn agenda het inmiddels beroemd geworden tekeningetje van een 'Transport bus'.

Zoals je ziet zijn alle ingrediënten aanwezig. De indeling van cabine, motor en laadruimte zijn tot 1990 ongewijzigd gebleven. Als je goed kijkt kun je zelfs de naar boven openende motorklep al zien. Al met al had het nog wel wat voeten in de aarde voordat de bus in productie kon gaan. Het eerste prototype bleek niet stevig genoeg. Vandaar dat men er toen toe overging chassis en carrosserie aan elkaar vast te lassen (in tegenstelling tot de Kever waarbij deze delen te scheiden zijn).

Al vrij snel was een groot aantal uitvoeringen leverbaar. In feite was VW de eerste fabrikant die de "Mini-Van" of "Ruimte Auto" populair wist te maken. En dat meer dan 25 jaar eerder dan Renault of Chrysler.

Hier zie je een "Samba" bus. Deze bus telt in totaal  23 ramen plus een open dak. Het is nu een van de meest gezochte modellen. Wie weet er voor mij nog een te koop ?

Dit type bus wordt wel de spijlbus (of split window) genoemd naar de vorm van de voorruit. In de loop der jaren werden veel verbeteringen doorgevoerd. Zo groeide de motor van 1100 tot 1600 cc. Toch bleef het model bijna 20 jaar in grote lijnen hetzelfde.

Dat VW bussen als campers zijn te gebruiken was ook al snel duidelijk. Deze oer-Westfalia heeft alles wat u nodig heeft voor een heerlijke onbezorgde vakantie. Vooral in Californie werd de VW-bus een begrip. Ook nu rijden daar nog vele splittys rond.

Na de spijlbus kwam de Panorama bus, vanwege de ronde voorruit met panoramisch uitzicht. Nu kwamen er ook versies met 2 liter motor en zelfs met airco en automaat. In het Engels heten het 'Bay-window' of 'bread-loaf' bussen. Daarna kwam de meer hoekige T3.

Drie generaties bussen bij elkaar. De T1 (1948-1966), de T2 (1967-1979) en de T3 (1980-1989). Tot 1982 werd nog steeds de luchtgekoelde benzine motor geleverd. De T3 was echter ook al leverbaar met een watergekoelde diesel motor. Na '82 werd alles watergekoeld.

Sinds 1990 wordt de T4 geleverd. Deze bus is echter totaal anders. Doordat de motor nu voorin zit is elke overeenkomst met de hier getoonde modellen ver te zoeken.

De T3 was ook verkrijgbaar met vierwielaandrijving. Een bus met balllen dus. De techniek hiervoor had VW/Audi al sinds enige jaren in huis (Audi quattro!) T3 bussen hebben nog niet die nostalgische waarde die T2's wel hebben. Je ziet ze echter steeds minder op de weg. Ze ogen echter nog redelijk modern.

Feitelijk was de T3 het einde van het oorspronkelijke ontwerp. Er viel niets meer aan te verbeteren. Dan wordt het dus in economische zin tijd voor een geheel nieuwe ontwikkeling.

Latere T3's waren in bijzonder luxe uitvoeringen leverbaar. Aan de extra kleine grille vlak boven de bumper is te zien dat deze bus een watergekoelde motor heeft. Dat kan een boxer zijn (wasserboxer ook wel wasserleaker genoemd) maar ook een Audi 5 cilinder. Let op de lichtmetalen wielen en kunststof schildbumpers. Dit is een auto uit een van de laatste productiejaren.
 

Terug naar de artikelen pagina